GoBobby - Powered by Duck-FooD

Je bent wat je eet! Ooit zag ik een film genaamd “Super size me” https://en.wikipedia.org/wiki/Super_Size_Me.
Het ging over iemand die 30 dagen na elkaar fastfood at en medisch werd opgevolgd. Je kan je voorstellen dat dat niet goed ging want wat je eet heeft een direct gevolg op hoe je je voelt en vervolgens ook op je gedrag! Voeding van hoge kwaliteit is dus belangrijk voor de mens… maar ook voor onze hond!

Money makes the world go around!

In de voedselindustrie heb je bedrijven die kwaliteit leveren en je hebt er die rotzooi leveren, kijk er de film Pet Fooled maar eens op na (https://en.wikipedia.org/wiki/Pet_Fooled). In dat opzicht is het belangrijk dat jij als verantwoordelijke eigenaar van je hond de juiste keuze maakt over zijn of haar voeding en als je kijkt in de rayons in de supermarkt is het soms moeilijk kiezen!

In België zijn er zeker wel producenten die goede kwaliteit leveren en Duck-food is daar volgens ons één van. De mensen van Duck-food zijn gepassioneerd in wat ze doen en stellen kwaliteit voorop, net daarom zijn ze voor ons een bewuste keuze om mee in zee te gaan! We hebben ook de kans gekregen om de fabriek te bezoeken en volgens wat we daar hebben gezien (de manier van werken) kunnen we enkel concluderen dat men er zeer op gebrand is om een kwalitatief product te leveren.

Duck voor je woef!

DUCK is een Belgisch merk van hondenvoer dat al sinds 1970 op de Belgische markt te vinden is. Ze waren de pioniers op vlak van diepgevroren hondenvoer. Ze gaan dus al vele jaren mee en zijn onderhevig aan strenge kwaliteitscontroles. Uit hun gamma verdelen wij de koudgeperste brok en het ingevroren vlees.
Met deze keuze hopen we te voldoen aan de kwaliteitseisen van onze klanten zodoende hun trouwe viervoeter ook kwalitatieve voeding te geven want voeding heeft ook een gevolg op het gedrag!

Over de producten die we verdelen kan je op de volgende pagina meer informatie vinden: https://shop.gobobby.be/product-categorie/hondenvoer/

Veel gestelde vragen!

De volgende veelgestelde vragen en antwoorden komen rechtstreeks van de site van DUCK, op hun website kan je nog meer informatie vinden:

De grootste frustratie is dat mensen die dagelijks mooi verpakt en geperst afval voeren aan hun hond, geen DUCK geven omdat ze denken dat het slachtafval is. De wereld op zijn kop!

Neen, nooit onder geen enkele vorm! Van slachtafval maakt men vlees- en beendermeel. Dat zijn twee zaken die bij natuurvoeding niet kunnen gebruikt worden terwijl het wel een hoofdingrediënt is bij droogvoer. Bij DUCK gebruiken we vers vlees en organen van dieren die vóór en na het slachten goedgekeurd werden voor menselijke consumptie. Al het vlees en organen worden steeds in dezelfde hoeveelheden toegevoegd, naargelang de receptuur.

Vaste uitwerpselen! Honden die rauw dieet krijgen, krijgen een kleinere en hardere ontlasting, in tegenstelling tot degenen die droge brokken krijgen. Rauw voer van goede kwaliteit, zoals DUCK, is voor uw hond gemakkelijk verteerbaar, met als gevolg stevige ontlasting en minder risico op spijsverteringsproblemen of diarree.

Het is geen goed idee om rauw voedsel en geëxtrudeerde droogvoeding (hoog verhit) in dezelfde maaltijd te mengen, omdat deze droge brokken langer duren om te verteren. De combinatie zou spijsverteringsproblemen kunnen veroorzaken.

Wilt je toch combineren? Combineer dan met koud geperste brokken. DUCK heeft zelf een koud geperste voeding op de markt gebracht waarmee veilige combinaties mogelijk zijn. De naam van deze voeding is DUCK COLD PRESSED. Als je op reis gaat of niet de mogelijkheid hebt om dagelijks rauw voedsel te geven, kan deze COLD PRESSED voeding ook als enige voeding gegeven worden.

Wil je combineren met een geëxtrudeerde droogvoeding? Geef je hond dan ‘s ochtends droge brokjes en vervolgens ‘s avonds rauwe voeding, of omgekeerd.

Niet vergeten: elke vers vlees dag is een gewonnen dag!

Als uw hond te dik is, heeft hij geen light nodig,
maar uw gezond verstand en wandelschoenen!

Lightvoer is in het leven geroepen omdat veel honden te dik zijn terwijl ze toch ondervoed zijn. Bovendien eten ze te graag en bewegen ze veel te weinig. Maar de mensen houden van hun hond en volgen hun verzorgingsdrang. Light is een trend en het wordt dan ook aangeraden met de beste bedoelingen.

Maar natuurvoeding is beter dan light.
Natuurvoeding zoals DUCK COMPLETE wordt niet verwarmd!
Droogvoer, ook light, moet hoog verwarmd worden. Daardoor worden o.a. aminozuren
( = onderdeel van eiwit ) beschadigd en bijgevolg zijn die er dus tekort. Een hond wil dat compenseren door meer te eten.
Vetten worden verwarmd en dus verzadigd. Ze stapelen zich op in het lichaam en de hond kan ze praktisch niet in energie omzetten. Ze dienen eigenlijk alleen als smaakstof. De hond heeft wel onverzadigde vetten nodig (bijvoorbeeld voor zijn vacht) en die zijn er te weinig.
Honden kunnen gewrichtsproblemen hebben of te dik zijn. De mensen hebben te weinig tijd waardoor de hond te weinig beweegt. Dit zijn allemaal redenen waardoor de hond allerlei driften niet meer kan afreageren en nog meer drang krijgt om te eten. Hij heeft geen honger maar goesting!
Mensen vinden dat erg (verzorgingsdrang) en denken dat de hond honger heeft. Ze houden van hun hond en gaan hem teveel geven. Een hond die te dik is, is ongezond. Daarom wordt dikwijls aangeraden om light te geven. En toch is dit bijna altijd fout, zeker voor honden met gewrichts– en gewichtsproblemen.
Om aan het aantal kilocalorieën te komen bij light voeding moet de hond het dubbele in gewicht eten (én dus meedragen) tegenover DUCK Complete. Immers voeding voor een hond moet uiteindelijk voor 70% uit vocht bestaan en droogvoer heeft maar 10% vocht waardoor de hond dus veel moet drinken: niet minder dan 2.5 gr water per 1 gr droogvoer tegenover maximum 0.4 gr water per 1 gr DUCK Complete. Light voeding heeft weinig kilo calorieën omdat de hond meer zou kunnen eten. De massa die hij kan eten wordt dus inderdaad groter, de plas die hij moet drinken ook, maar ook vocht of water is gewicht!
Light voeding helpt dus de baas van zijn verzorgingsdrang of zelfs zijn schuldgevoelens af, maar zeker voor een hond met gewrichtsproblemen wordt het probleem nog erger en pijnlijker! Echt goed doen voor de hond is dus eerder een kwestie van discipline en natuurvoeding. Een hond die te dik is, krijgt gewoon teveel.

1. Het gebruik van hulpstoffen in droogvoeding:
- bindmiddelen
- verharders
- bewaarmiddelen
- kleur-, geur- en smaakstoffen
2. Het gebruik van hoge temperaturen bij droogvoeders:
- onverzadigde vetten worden verzadigd
- vitaminen worden geneutraliseerd
- enzymen worden gedood
3. Ongeschikte ingrediënten of grondstoffen bij droogvoeders:
- beendermeel: kan een te grote calciumopname veroorzaken
- gesmolten vetten: te veel verzadigde en te weinig onverzadigde vetzuren
- vismeel: heeft een verstoord aminozurenpatroon (uw hond is geen zeehond)
- genetisch gemanipuleerde granen
- soja: benutbaarheid eiwit van soja is slechts 45 %
- bietenpulp: bevat saponinen
Honden hebben deze additieven niet nodig, maar voor de productie van droogvoer zijn ze essentieel.

Sommige honden zijn moeilijk te plezieren en hebben wat tijd nodig om zich aan te passen aan een nieuw rauw dieet. Maak je geen zorgen, je hond is niet de enige. We zijn veel kieskeurige tegengekomen en hebben met succes hun eigenaars geholpen de overstap te maken.
Zelfs voor die honden die met succes zijn overgeschakeld naar DUCK, soms stoppen ze met eten na een paar maanden. Dit viel vooral op bij honden die hun hele leven zijn gevoed met brokken!
We hebben enkele tips waarvan we hopen dat het uw hond zal helpen de overstap te maken en zijn eetlust te vergroten.
- Warm het rauw vlees lichtjes op, verhit het voedsel maximaal 10 seconden en serveer het. Op deze manier komen er vele geurstoffen vrij, die uw hond zijn eetlust zullen opwekken. (Opgelet: niet te veel verhitten, dit zal de eiwitten en goede bacteriën vernietigen. Vanaf uw hond gewend is aan de voeding, niet meer verhitten).
- Voeg bottenbouillon toe om een soepachtige textuur te maken.
- Voeg een rauw ei toe.
- Voer uw honden geen snacks en tussendoortjes, beloon hem af en toe met een natuurlijke snack (bijvoorbeeld een stukje bullepees, of kalfshoefje).

Koolhydraten zijn energieproducerende voedingsstoffen. Wanneer ze worden verteerd, worden ze afgebroken tot glucose dat energie levert aan de hond. Ze worden opgeslagen in de spieren van de hond.

Koolhydraten houden ook de eiwitten onder controle. Alle elementen in het eiwit die niet bruikbaar zijn, worden door het lichaam van uw hond opgeslagen als vet. Dit wordt de eiwitfractie genoemd. Als het te hoog is, neemt de zuurgraad toe en wordt uw hond nerveus en in het ergste geval oncontroleerbaar, het is dus een misvatting dat granen slecht zijn voor honden. Integendeel, ze vertegenwoordigen een van de beste bronnen van koolhydraten.

Het probleem is dat een hond geen koolhydraten kan verteren die voornamelijk van plantaardige oorsprong zijn, omdat honden niet de enzymen hebben die nodig zijn om cellulose af te breken. Bijgevolg kan een hond geen voedingsstoffen uit rauwe groenten halen. Dat is ook de reden waarom wolven de maaginhoud van hun prooi eten. Deze bevatten grassen in zaadvorm, of met andere woorden, granen. Deze zijn namelijk voorverteerd. We noemen deze 'ontsloten' granen en ze zijn de beste bron van koolhydraten voor uw hond.

Koolhydraten uit granen zijn geen lege vulstoffen zoals sommigen suggereren. Ontsloten granen die verteerbare koolhydraten van hoge kwaliteit leveren, zijn een geweldige bron van energie. Wat wel van belang is, is dat ze in de juiste verhouding aanwezig zijn in de voeding. Bij de meeste droogvoeders bestaat de brok hoofdzakelijk uit granen, wat uiteraard tot problemen kan leiden. Bij DUCK zijn alle koolhydraten in de juiste verhouding aanwezig, zodat uw hond ook voordeel kan halen uit hun aanwezigheid.

Koolhydraten die vezels bevatten, regelen ook de snelheid waarmee het voedsel door het spijsverteringskanaal gaat. Bij voorkeur niet te snel, anders worden de ontlasting te dun.

Wist je dat?

In het wild: prooidieren eten rauwe granen en groenten, deze worden voorverteerd in hun maag. Wanneer de wolf de maag van het prooidier opeet, kan hij de granen en groenten die in de maag aanwezig zijn verteren, omdat ze voorverteerd zijn bij het prooidier.

Niet in het wild: als we spreken van ontsloten granen, betekent dit dat de graankorrel verhit is (replicatie van voorverteerde korrels in de prooimaag), zodat een groot deel van de plantaardige eiwitten door de hond kan worden opgenomen. Granen bevatten zetmeel (koolhydraten), dat aanwezig is in de kern van de granen. Anders uitgelegd: door malen en verwarmen, wordt het zetmeel uit de graankorrel 'geopend of ontsloten', d.w.z. beschikbaar gesteld voor vertering in de dunne darm.

Voorbeeld: mensen kunnen geen rauwe aardappel eten, het moet worden gestoomd of gekookt om het verteerbaar te maken.

De algemene conditie van een hond bepaalt al voor een groot stuk zijn gedrag, en dat kan variëren van lusteloos tot hyperactief. Ook de zuurtegraad van het bloed speelt een belangrijke rol in het gedrag, en die wordt mee bepaald door de eiwittenfractie, die op zich dan weer afhankelijk is van de kwaliteit en de hoeveelheid eiwitten.
Niet alleen eiwitten maar ook de hoeveelheid en de kwaliteit van de vetten (meer bepaald de onverzadigde vetzuren) hebben invloed op het gedrag. Een tekort of te lage kwaliteit kan leiden tot aandachtproblemen, vlug afgeleid zijn, oriëntatieproblemen en het falen van het kortetermijngeheugen.
Recent onderzoek heeft aangetoond dat bepaalde onverzadigde vetzuren van groot belang blijken voor de ontwikkeling van het leervermogen, met name AA (arachidonzuur) en DHA (docosahexaeenzuur).
En dan de vitaminen. De naam zegt het zelf al: ‘vita’ is leven.
Dat vitaminen een rechtstreeks verband hebben met gezondheid, weet iedereen, net zoals tekorten of het ontbreken ervan tot gebreksziekten kunnen leiden, die zelfs de dood tot gevolg kunnen hebben.
Het is dan ook evident dat tussen het moment van ideale gezondheid en het moment van ziekte tengevolge van vitaminetekort, een heel lange weg ligt van soms onduidelijke klachten die automatisch ook invloed hebben op het gedrag. Wie zich niet goed voelt, gedraagt zich anders dan wanneer hij fit is:
De invloed van voeding op het gedrag in het algemeen is dus groot. Vandaar dat natuurvoeding bij het behandelen van gedragsproblemen steeds de eerste stap is!

Dit is normaal. Honden 'in de natuur’ hoeven niet veel water te drinken, hun voedsel (prooi) bestaat uit 70% vocht en in de laatste paar honderd jaar van domesticatie heeft de evolutie dit helemaal niet veranderd.

Honden die droogvoer eten, moeten dus niet alleen drinken vanwege de dorst, maar ook om het vocht aan te vullen dat ontbreekt in hun droogvoer. Ze moeten hun tong in een soort lepeltje trachten te vormen om water te scheppen en al dat extra vocht in hun mond trachten te gooien. Het gevolg is dat alles wat zich in de buurt van de waterbak bevindt, met water wordt bespat.

Rauwe voeding bevat het natuurlijke vleesvocht.

In bijna alle gevallen kan men stellen dat een hond eigenlijk geen gras eet, maar het vocht drinkt dat gras bevat (tot 80% vocht).
Het vocht in gras is zeer smakelijk en goed gefilterd. In tegenstelling tot leidingwater bevat het geen chloor, kalk enz.
Het zal u ook al wel eens opgevallen zijn dat uw hond niet drinkt van het verse bakje leidingwater dat u voor hem neerzet, maar meteen daarna buiten wel van een plas regenwater gaat drinken.
Daarbij komt dat, zoals we al zagen, drinken een hond moeilijk valt en dat vocht onttrekken aan vaste stoffen heel normaal is.
Hij kan dus als carnivoor geen voedingsstoffen uit gras halen, wel vocht.
Om over te geven hoeft een hond, in tegenstelling tot een kat, ook geen gras te eten. Dat is een overblijfsel van stamvader wolf, die eten opbraakt voor pups wanneer die vast voedsel beginnen te eten.

Neen, waarschijnlijk niet.
De kans dat coprofagie (dat is de wetenschappelijke naam voor dit probleem) ontstaat in de werpkist en de directe omgeving waar de hond als pup geboren werd, is zeer groot.
Voor honden die min of meer in roedelverband leven, speelt ook het roedelverband mee. Voor het eten van ontlasting komen daar buiten de bekende oorzaken ook rangorde en dominantie bij. Het is een soort vervangingsgedrag voor het verdedigen van hun stuk van de prooi.
In Canada heeft Denis Steurs bij sledehonden dikwijls vastgesteld dat honden niet geïnteresseerd waren in hun ontlasting, zolang ze allemaal aan hun ketting, hun hok en dus hun plaats gebonden waren. Wanneer een hond om de een of andere reden echter losraakte, gingen honden waarbij de vrij lopende hond in de buurt kwam, hun ontlasting verdedigen of opschrokken alsof het om hun laatste maaltijd ging. Zelfs hier spelen territoriumgedrag en bezitsdrang dus mee.
Het gaat bijna steeds om het afreageren van driften, om vervangend gedrag. En hoe beter ze zich voelen, hoe meer driften ze moeten afreageren.

Zoals we al weten, moet men om droogvoer te fabriceren het vocht onttrekken.
In de maag wordt het onttrokken vocht terug opgenomen, waardoor het voer tot driemaal in volume kan toenemen. De zwaartekracht zorgt ervoor dat het soortelijk gewicht van de voedselbrij niet evenredig verdeeld is.
Het volume in de maag is dus groot en het soortelijk gewicht relatief klein, maar bovenal onregelmatig verdeeld.

Tandhygiëne is ook voor een hond zeer belangrijk, maar gelukkig moet u de hond zijn tanden niet poetsen. Dat kan hij best zelf. Niet met een tandenborstel natuurlijk, maar door hem regelmatig een stuk bullenpees te verstrekken na de maaltijd.
Het gebit van de hond is een scheurgebit, geschikt om een prooi te verscheuren. Kauwen zoals wij mensen kan een hond niet, omdat boven- en onderkaak met elkaar verbonden zijn door middel van een vast scharnierpunt.
Hun voedsel zo snel mogelijk opschrokken is een overblijfsel van hun natuurlijke voorouders, de wolven. Die deden en doen dat omdat er altijd concurrentie in de buurt is. Het eigenlijke eten duurt maximaal enkele minuten, het napeuzelen op zachte botten en pezen kan soms uren duren. Vandaar dat wolven en wilde hondachtigen in de natuur geen tandsteen kennen.
Honden die al een beetje tandsteen hebben, verwijderen dat vanzelf als u overschakelt op DUCK Complete, regelmatig gevolgd door een natuursnack.
Als de tandsteen al te ver gevorderd is, moet deze eerst door de dierenarts verwijderd worden.
Net zoals bij mensen is de ene hond al gevoeliger dan de andere. Ook erfelijke aanleg speelt hier een rol. De voornaamste oorzaak is echter het soort voedsel dat de hond eet.

Schrikken, bang zijn, zenuwachtigheid, agressie, apathie, fobieën, paniek, afgeleid zijn en absolute ongehoorzaamheid ten gevolge van het niet registreren van boodschappen of commando’s.

Honden opvoeden of heropvoeden, hun gedrag begeleiden, trainen: het helpt maar als lichaam en geest gezond zijn.

Wanneer u een hondenprobleem hebt, wil dat niet zeggen dat u ook een probleemhond hebt. Zeker niet wanneer het een gedragsprobleem betreft.
Uiteraard zijn veel problemen aangeboren, genetisch of rastypisch. Andere ontstaan door een gebrekkige inprenting, slechte socialisatie of verkeerde opvoeding, te weinig kennis van de eigenaar, een gebrek aan aandacht, onvoldoende beweging of afleiding (zowel lichamelijk als geestelijk). Daarom is het belangrijk om het onderscheid te maken tussen ongewenst gedrag en probleemgedrag.

Wat is probleemgedrag?
1. Ongewenst gedrag dat voor de hond van nature eigenlijk normaal is (in vuil rollen, domineren, jagen enz.). Dit gedrag is in principe onder controle te brengen.
2. Probleemgedrag dat niet of nauwelijks onder controle te brengen is (vaak ook niet voor de hond zelf).

Externe zaken kunnen ook een invloed hebben op het gedrag:
- Warmte, geluiden, omgeving, verkeer, geuren.
- Plaatsen, of zaken die op die plaats gebeurd zijn.
- Andere honden, mensen en de uitstraling die ze hebben of het gedrag dat ze vertonen.
- Gebeurtenissen die zij registreren en wij niet.

Daaraan gekoppeld hebben ook inwendige reacties bij de hond invloed op zijn gedrag. Adrenaline is in dat opzicht een belangrijk voorbeeld. Wanneer het adrenaline niveau hoog genoeg stijgt, bereikt het een punt waarop de hond niets meer registreert, en dus ook niets kan leren. Hij hoort en voelt haast niets. Meerdere hondeneigenaars zijn door hun eigen hond gebeten, zonder dat de hond dit besefte bijvoorbeeld bij het tussenbeide komen in een gevecht met een andere hond.

Voeding in relatie met gedrag:
De algemene conditie van een hond bepaalt al voor een groot stuk zijn gedrag, en dat kan variëren van lusteloos tot hyperactief. Ook de zuurtegraad van het bloed speelt een belangrijke rol in het gedrag, en die wordt mee bepaald door de eiwittenfractie, die op zich dan weer afhankelijk is van de kwaliteit en de hoeveelheid eiwitten.
Niet alleen eiwitten maar ook de hoeveelheid en de kwaliteit van de vetten (meer bepaald de onverzadigde vetzuren) hebben invloed op het gedrag. Een tekort of te lage kwaliteit kan leiden tot aandachtproblemen, vlug afgeleid zijn, oriëntatieproblemen en het falen van het kortetermijngeheugen.
Recent onderzoek heeft aangetoond dat bepaalde onverzadigde vetzuren van groot belang blijken voor de ontwikkeling van het leervermogen, met name AA (arachidonzuur) en DHA (docosahexaeenzuur).
En dan de vitaminen. De naam zegt het zelf al: ‘vita’ is leven.
Dat vitaminen een rechtstreeks verband hebben met gezondheid, weet iedereen, net zoals tekorten of het ontbreken ervan tot gebreksziekten kunnen leiden, die zelfs de dood tot gevolg kunnen hebben.
Het is dan ook evident dat tussen het moment van ideale gezondheid en het moment van ziekte tengevolge van vitaminetekort, een heel lange weg ligt van soms onduidelijke klachten die automatisch ook invloed hebben op het gedrag. Wie zich niet goed voelt, gedraagt zich anders dan wanneer hij fit is:
De invloed van voeding op het gedrag in het algemeen is dus groot. Vandaar dat natuurvoeding bij het behandelen van gedragsproblemen steeds de eerste stap is!

Tandsteen
Jeuk
Lusteloosheid
Schilferige huid
Spierzwakte
Reacties op het mondslijmvlies
Slecht uithoudingsvermogen
Kale plekken
Overmatig hijgen
Haaruitval
Weinig zelfvertrouwen
Olifantshuid
Nervositeit
Eczeem
Slecht leervermogen
Rode huidplekken
Schrikken
Aften
Agressie
Pigmentverlies
Apathie
Doffe vacht
Paniek
Slechte adem
Snel afgeleid zijn
Slechte eetlust
Ongehoorzaamheid
Auto-immuunziekte
Veel/vaak ontlasten
Allergieën
Veel drinken
Pseudo allergieën
Braken
Tumoren
Maagklachten/darmklachten
Karperrug
Winderigheid
Heupdysplasie
Anaalklierverstopping
Telgang
Hypoglykemie/hyperglykemie
Doorgezakte poten
Nierziekten/leverziekten
Doorgezakte rug
Ondergewicht/overgewicht
Franse stand
Gras eten
Koehakkigheid
Ontlasting of vuil eten
Groeipijn
Constant hongergevoel
Diarree

Wat kan de oorzaak zijn?
1. Het gebruik van hulpstoffen in de voeding:
- bindmiddelen
- verharders
- bewaarmiddelen
- kleur-, geur- en smaakstoffen
2. Het gebruik van hoge temperaturen:
- onverzadigde vetten worden verzadigd
- vitaminen worden geneutraliseerd
- enzymen worden gedood
3. Ongeschikte ingrediënten of grondstoffen:
- beendermeel: kan een te grote calciumopname veroorzaken
- gesmolten vetten: te veel verzadigde en te weinig onverzadigde vetzuren
- vismeel: heeft een verstoord aminozurenpatroon (uw hond is geen zeehond)
- genetisch gemanipuleerde granen
- soja: benutbaarheid van eiwit is slechts 45 %
- bietenpulp: bevat saponinen
Honden hebben deze additieven niet nodig, maar voor de productie van droogvoer zijn ze essentieel.

Nee natuurlijk niet!
DUCK COMPLETE is echt compleet. Dat wil zeggen geschikt voor elke hond dus ook pups net zoals in de natuur. Daar hebben pups voedingsvoorrang tot ze 4 maanden oud zijn en ook bij DUCK eten pups in verhouding veel meer dan volwassen honden van hetzelfde gewicht.
Bij voeders die blootgesteld worden aan hoge temperaturen omwille van de productie, beschadigt men de zaken die essentieel zijn voor de groei waardoor pups zich niet optimaal kunnen ontwikkelen. Daarom voegt men dié zaken die beschadigd werden extra toe waardoor pups vaak te snel groeien met alle gevolgen vandien.
Bij natuurvoeding heeft men dat probleem niet. Pups groeien niet te traag of te snel maar ontwikkelen zich normaal. Trouwens hoe groot een hond uiteindelijk wordt, is genetisch bepaald.
In de natuur leven nog meer dan 30 soorten wilde honden. Of ze nu zo klein zijn als een Shiwawa of groter dan een Duitse dog dan wel jong of oud zijn; er geen light muizen, puppy konijnen of hoge energie herten!

Voor dit soort honden raden we aan om te starten met DUCK COMPLETE EXCELLENT, volgens het volgende schema:

- De eerste dag helemaal geen voedsel (vastendag).
- De tweede dag de helft van wat de hond normaal zou moeten krijgen, verdeeld over twee maaltijden. Dit doet u gedurende vier dagen.
- De vijfde dag mag er 100 g bij. Dit doet u opnieuw vier dagen.
- Zo gaat u verder tot de hond de hoeveelheid krijgt die hij nodig heeft.

Voor kleine hondjes kunt u met halve schijfjes of minder werken.

Als u dit systeem toepast, reinigt u het lichaam van de hond van al de onzuiverheden die hij heeft opgestapeld. In het begin kan het lijken alsof het slechter gaat met zijn vacht. In erge gevallen ziet men soms zelfs etterende open plekken. Het is sterk aan te raden de hond minstens drie maal te wassen, met minstens zeven en maximaal tien dagen tussen de wasbeurten in. De hond moet, zowel in- als uitwendig parasietenvrij zijn.

Wanneer u een pup die bij de fokker droogvoer kreeg, wilt overschakelen, kunt u het droogvoer dat de fokker gebruikte, en waarvan hij u in de meeste gevallen voor een paar dagen heeft meegegeven, mengen met een heel klein beetje DUCK Complete.
Ideaal is om dit zes à zeven dagen te doen. Daarna kunt u gewoon DUCK Complete gebruiken zonder droogvoer.
Let wel, de meeste hondjes lusten het zo graag dat u al snel geneigd bent om te veel te geven. Liever de eerste dagen een beetje te weinig dan te veel.
Gebruikte de fokker wel droogvoer, maar kreeg u niets mee, dan kunt u onmiddellijk overschakelen. De dag dat u thuiskomt met de pup, geeft u beter niets. Dat is echt geen mishandeling: u bewijst er de pup een dienst mee. Geef 80 % van wat de hond zou moeten eten volgens de tabel, liefst verdeeld over drie en als het kan over vier maaltijden per dag. Bouw de hoeveelheid langzaam op.

Belangrijk is ook dat pups die bij de fokker droogvoer kregen, de neiging hebben uit gewoonte te veel te drinken, wat tot diarree kan leiden. Na enkele dagen zal je puppy uit zichzelf minder gaan drinken als hij geen droogvoer meer krijgt.

Rauwe botten zijn zeker goed, je hond zal hier veel plezier aan beleven en het is goed voor de reiniging van de tanden. Het is belangrijk dat de botten niet worden gekookt of verhit. Bij gekookte of verhitte botten is de kans groot dat ze dan in kleine stukjes kunnen versplinteren die verstikking en ernstige schade aan de mond, keel of darmen van de hond kunnen veroorzaken.

In principe is elke voedingstabel een aanwijzing, een richtlijn.
Afwijken tot 20% (minder of meer) is mogelijk.
Elke hond heeft een andere verbranding en andere behoeften qua energieverbruik. Dat alles wordt dan nog eens beïnvloed door allerlei factoren, zoals ras, temperament, beharing, behuizing, beweging, nervositeit, wezen, karakter en ouderdom.
Een hond die bang is om alleen thuis te blijven, verbruikt meer energie dan een hond in goede conditie zou verbruiken terwijl hij rent!
Wanneer de behoefte aan energie stijgt, stijgt niet de behoefte aan eiwitten. Wanneer een hond die volgens zijn gewicht en de voedingstabel ongeveer 1 kg zou moeten eten, bijvoorbeeld 1,3 kg of meer nodig heeft om op zijn gewicht te blijven, kunt u zich beter aan 1 kg houden en aanvullen met DUCK Rijst&Groenten vlokken.
1. Per tas vlokken voegt u twee tassen warm water toe.
2. Laat dit even trekken.
3. Voeg daarna één eetlepel zonnebloemolie toe.
4. Meng alles goed door elkaar.
Afhankelijk van de behoefte van de hond kunt u één, twee of drie tassen rijst gebruiken. Gebruik wanneer u rijst toevoegt, echter wel als basis de hoeveelheid DUCK Complete die de tabel aangeeft. Dan krijgt de hond alle essentiële zaken in de juiste hoeveelheid.

Net als mensen is overeten een probleem voor veel honden en katten. Wist je dat?
Ervoor zorgen dat de portiegrootte van uw huisdier binnen een gezond bereik blijft, helpt niet alleen om zijn gewicht goed te houden, het vermindert ook voedselverspilling en dus het geld dat u uitgeeft.
Voedselverspilling heeft ook een grote impact op het milieu, bewuster met voeding omgaan en portiecontrole toepassen zijn geweldige manieren om voedselverspilling te verminderen.

De darmflora is de verzamelnaam voor de triljoenen goede en slechte bacteriën waarvan de kolonies meestal vreedzaam naast elkaar bestaan in de maag en darmen. De darmflora is als een fabriek die dag en nacht werkt om voedsel te verteren en de balans tussen goede en slechte bacteriën te bewaken. Overtollige slechte bacteriën worden gedood, zodat infecties geen kans krijgen om te bloeien. Als dit evenwicht verstoord is, krijgen de schadelijke bacteriën de overhand, wat het immuunsysteem van uw hond verzwakt. Wat gebeurt er dan? Het voedsel wordt niet voldoende afgebroken en begint te rotten en te gisten in de dikke darm. Dit begint te rommelen, gevolgd door winderigheid, losse ontlasting en diarree. Als het probleem niet is opgelost, resulteert dit meestal in huidproblemen zoals een stinkende, doffe vacht en jeuk.

Als u nog meer vragen hebt of interesse in een bepaald product, dan geven we graag meer uitleg. Contacteer ons vrijblijvend!

Scroll to Top